Rb. 's-Gravenhage 18 januari 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AE0207

Mvv / huwelijksakte / legalisatie. Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, heeft noch bij aanvraag noch tijdens behandeling daarvan middels gelegaliseerde en geverifieerde documenten aangetoond dat hij gehuwd is. Op grond van hetgeen is bepaald in de Vc-1994 mag verweerder van eiser verlangen dat hij het bestaan van zijn huwelijk met officiële gelegaliseerde bescheiden aantoont, dat geen rechtsregel eraan in de weg staat het vereiste van aantonen van huwelijk met officiële en gelegaliseerde bescheiden te stellen als materiele voorwaarde van toelating. De rechtbank is van oordeel dat toepassing van het beleid voor eiser geen gevolgen heeft die wegens bijzondere feiten en omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot het doel van het beleid. Tegen de beslissing tot weigering van de legalisatie staan rechtsmiddelen open, eiser heeft hier echter geen gebruik van gemaakt. Verweerder heeft toelating kunnen weigeren. Hiermede handelt verweerder niet in strijd met het Haags Huwelijksverdrag en de Wet conflictenrecht huwelijken. Artikel 10 van voormeld verdrag luidt: Wanneer een huwelijksverklaring is afgegeven door een bevoegde autoriteit, wordt het huwelijk vermoed rechtsgeldig te zijn, tot het tegendeel is bewezen. Legalisatie van een huwelijksakte zal door verweerder dan ook kunnen worden verlangd om vast te stellen of de betrokken instantie bevoegd was. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen