Rb. 's-Gravenhage 25 april 2001, ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1911
Verblijfsvergunning bepaalde tijd / overgangsrecht. Het bezwaar tegen de afwijzing van het verzoek om toelating als vluchteling wordt aangemerkt als bezwaar tegen afwijzing van een aanvraag tot verlening van een vtv asiel als bedoeld in artikel 28 Vw 2000. Onder meer de schorsingsregeling van artikel 32 Vw wordt aangemerkt als recht (procedurevoorschrift) dat van toepassing is op de behandeling van het bezwaarschrift (artikel 118.2 Vw 2000), zodat die schorsingsregeling van toepassing blijft op bezwaar dat is gemaakt tegen een besluit dat voor 1 april 2001 is bekendgemaakt. Artikel 33b Vw is geen procedurevoorschrift van de behandeling van het bezwaar, maar een bepaling betreffende een bevoegdheid van de president. Het overgangsrecht van artikel 118.2 Vw 2000 is daarom niet van toepassing, zodat na 1 april 2001 niet meer kan worden kortgesloten met toepassing van artikel 33b Vw. Toetsingskader van een verzoek om voorlopige voorziening in asielzaak: mosacriterium betreffende aanspraak op vtv asiel voor bepaalde tijd, redelijke kans criterium betreffende aanspraak op ambtshalve verlening van een verblijfsvergunning regulier; voorts toetsing aan andere bijzondere belangen. In deze zaak is het geding beperkt tot de verblijfsvergunning bepaalde tijd als alleenstaande minderjarige vreemdeling (vbt amv). Uit het leeftijdsonderzoek kan worden afgeleid dat verzoeker bij binnenkomst meerderjarig was. Dit is door Chinese verzoeker onvoldoende betwist. Afwijzing verzoek.
De uitspraak op rechtspraak.nl