Rb. 's-Gravenhage 23 januari 2001, ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1113

Legalisatie / mvv-vereiste. Referent is bij de aanvraag mvv er niet op gewezen dat hij gelegaliseerde en geverifieerde geboorteakten diende over te leggen. Een redelijke uitleg van artikel 4:5, eerste lid, Awb brengt met zich mee dat deze niet alleen toepassing vindt in het daar geregelde geval, maar evenzeer ingeval wordt overwogen een aanvraag niet in te willigen op grond van het ontbreken van voor de beoordeling van de aanvraag relevante bescheiden, alsmede - zoals in deze zaak het geval is - indien wordt overwogen een tegen de primaire beschikking gericht bezwaar ongegrond te achten, omdat zodanige bescheiden niet voorhanden zijn. Nu deze gelegenheid niet is geboden mag het ontbreken van de akten niet aan eisers worden tegengeworpen. De stelling van verweerder dat eisers door middel van de primaire beslissing op de hoogte zijn gesteld dat zij de betrokken aktes dienen over te leggen kan niet worden aanvaard nu deze mededeling in het kader van de aanvraag had moeten worden gedaan. Het betoog van verweerder dat het beleid in deze kenbaar is faalt in het licht van het vorenstaande eveneens. Beroep gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen