Rb. 's-Gravenhage 26 januari 2001, ECLI:NL:RBSGR:2001:AB0012

AC Schiphol / artikel 7a Vw / Reglement regime grenslogies. AC Schiphol is niet in algemene zin als plaats en ruimte in de zin van artikel 7a Vw als zodanig aangewezen. Artikel 7a Vw verplicht niet tot een algemene aanwijzing vooraf, maar de aanwijzing kan ook bij individuele plaatsingsbeschikking geschieden. Het Reglement regime grenslogies regelt voor alle categoraal of individueel aangewezen plaatsen en ruimten het tenuitvoerleggingsregime. Bij tenuitvoerlegging van een vrijheidsbenemende maatregel ex artikel 7a Vw in het AC dient derhalve het regime te voldoen aan de (minimum)normen van het Reglement regime grenslogies. De rechtbank heeft bij de opneming ter plaatse geconstateerd dat het AC voor de periode van verblijf van vreemdelingen na afloop van de AC-procedure op diverse punten niet voldoet aan de regimeregels van het Reglement regime grenslogies. Vooropgesteld wordt dat indien een grenslogies niet op alle punten voldoet aan het Reglement regime grenslogies dat niet onder alle omstandigheden meebrengt dat de tenuitvoerlegging aldaar onrechtmatig is. De rechtbank tekent aan dat elk verblijf in het AC na afloop van de AC-procedure onwenselijk is, doch oordeelt dat, behoudens exceptionele omstandigheden, de tenuitvoerlegging van de aan de vreemdeling opgelegde vrijheidsbenemende maatregel in het AC langer dan vier dagen na afronding van de AC-procedure onrechtmatig moet worden geacht. De capaciteitsproblemen van de afgelopen periode vormen niet een exceptionele omstandigheid. Deze onrechtmatigheid leidt, behoudens exceptionele omstandigheden, tot opheffing van de 7a-maatregel. Gelet op de gevolgen van dit oordeel bestaat aanleiding verweerder een korte termijn te gunnen om zich op de consequenties van deze uitspraak in te stellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen