Rb. 's-Gravenhage 1 september 2000, ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9471

Sinds de invoering van de Leemtewet is sprake van een enkelvoudige asielaanvraag. Bij een aanvraag om toelating als vluchteling onderzoekt de staatssecretaris ambtshalve of aan de vreemdeling een vergunning tot verblijf op grond van klemmende redenen van humanitaire aard kan worden verleend. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat hiermee asielgerelateerde redenen worden bedoeld. Een aanvraag op reguliere gronden dient vanaf dat moment te worden ingediend bij de korpschef. Eiseres heeft tijdens haar asielprocedure te kennen gegeven verblijf te wensen bij haar zoons. Verweerder heeft eiseres voor een daartoe strekkende aanvraag in redelijkheid kunnen doorverwijzen naar de korpschef. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen