Rb. Rotterdam 8 juli 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:8165
Eiseres heeft goederen vervoerd voor gedaagde en wil daarvoor worden betaald. Een groot deel van de vorderingen was al verjaard op het moment dat eiseres voor het eerst de verjaring heeft gestuit. Artikel 32 lid 2 CMR staat niet aan de weg aan het herhaalde beroep van eiseres op stuiting van de verjaring, omdat dat artikel alleen ziet op de schorsing en stuiting van de verjaring van vorderingen jegens de vervoerder.
De uitspraak op rechtspraak.nl