Rb. Rotterdam 12 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:5962

De verdachte heeft kinderporno en dierenporno in zijn bezit gehad en zich tot de kinderporno de toegang verschaft. De rechtbank houdt bij de strafoplegging rekening met artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank legt een gevangenisstraf op voor de duur van 181 dagen waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Daarnaast legt de rechtbank een taakstraf op voor de duur van 240 uur, te vervangen door 120 dagen hechtenis.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen