Rb. Rotterdam 3 september 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:12074
Financieel toezicht. Vovo hangende bezwaar tegen het boetebesluit en het openbaarmakingsbesluit. DNB heeft bij het boetebesluit aan verzoekster een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtredingen van artikel 11, eerste lid, van de Verordening 2019/2033. Verzoekster heeft drie keer binnen een periode van 25 maanden, om verschillende redenen, te kampen gehad met kapitaalstekorten. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft DNB zich in het boetebesluit niet ten onrechte en deugdelijk gemotiveerd op het standpunt gesteld dat boeteoplegging voor deze overtredingen opportuun en evenredig is. De voorzieningenrechter ziet verder geen aanleiding om aan te nemen dat de volledige en ongeanonimiseerde openbaarmaking onrechtmatig is. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl