Rb. Rotterdam 30 mei 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:6406

BC – Warenwet; boetezaak. Leeftijdsclassificatie, het bestuursorgaan heeft zich niet ten onrechte en voldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat het speelgoed geschikt is voor kinderen in de leeftijd van 18 maanden en ouder. Verweerder heeft vervolgens een boete kunnen opleggen omdat het speelgoed niet voldoet aan de essentiële en bijzondere veiligheidseisen van Richtlijn 2009/48 passend bij die leeftijdsclassificatie. Omdat onderdelen van het speelgoed los kwamen is terecht vastgesteld dat er een risico op gevaar voor verstikking bestaat (beboetbaar feit 1). Hoewel niet uitgesloten is dat de door eiseres aangevoerde testresultaten aanleiding zouden kunnen geven tot nader onderzoek door verweerder ten aanzien van de loslatende magneten (beboetbaar feit 2), kan haar dat in deze procedure niet baten. De aan eiseres opgelegde boete van € 525,- kon namelijk al worden opgelegd voor beboetbaar feit 1). Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken