Rb. Rotterdam 23 april 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:4792
Deze uitspraak gaat over het opleggen van een bestuurlijke boete van € 21.600,- aan eiseres wegens een overtreding van artikel 4.1c, eerste lid, aanhef en onderdeel f, onder 1°, van het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit). De boete is opgelegd omdat een werknemer van eiseres is blootgesteld aan een gevaarlijke stof, terwijl huidcontact niet is voorkomen of geminimaliseerd door het dragen van doelmatige persoonlijke beschermingsmiddelen. Eiseres stelt primair dat het ongeval en de overtreding niet aan haar kunnen worden toegerekend. Subsidiair is zij van mening dat de boete gematigd zou moeten worden wegens het ontbreken van verwijtbaarheid.
De uitspraak op rechtspraak.nl