Rb. Rotterdam 27 januari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:1786

Omgevingsvergunningen voor een hotel en 40 nieuwe woningen, verdeeld in vier deelgebieden. Voor zover voor het project al een (nieuwe) natuurvergunning of natuurtoestemming nodig is, hoefde die niet tegelijk met de omgevingsvergunningen te worden aangevraagd. Een omgevingsvergunning voor (alleen) planologisch strijdig gebruik kan op grond van artikel 2.7, eerste lid, Wabo namelijk worden aangevraagd voorafgaand aan en los van de overige onlosmakelijke activiteiten. De omgevingsvergunningen zijn niet te onbepaald om te kunnen dienen als toetsingskader voor de omgevingsvergunningen voor bouwen. De rechtbank legt de omgevingsvergunning voor het hotel zo uit dat de bijbehorende voorzieningen (wellness, horeca en detailhandel) uitsluitend mogen worden gebruikt door de eigen overnachtende gasten van het hotel. Het college is daar bij de beoordeling van de gevolgen terecht van uitgegaan. De behoefte aan het hotel en de nieuwe woningen is voldoende aangetoond en het college heeft zich op het standpunt kunnen stellen dat niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien (artikel 3.1.6, tweede lid, Bro). De beroepsgronden over o.a. aantasting van het landschap, parkeren, geluidhinder, aantasting van het uitzicht en privacy slagen ook niet. De beroepen zijn, voor zover ontvankelijk, ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken