Rb. Rotterdam 3 december 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:15648

Op 9 maart 2019 lag het schip van Bradley afgemeerd aan de terminal van een Vopak vennootschap om benzine te laden. De laadarm die op de terminal stond was vastgemaakt aan het manifold van het schip. Even na 15:00 uur stak een harde wind op en was sprake van een squall waardoor het schip werd weggeblazen van de steiger. Een deel van de laadarm is hierdoor afgebroken waardoor de laadarm tussen wal en schip terecht kwam. De kapitein heeft de hulp ingeroepen van sleepboten die het schip weer naar de terminal duwden waarbij verdere schade aan de terminal en het schip ontstond. Partijen houden elkaar in twee afzonderlijke procedures over en weer aansprakelijk voor geleden schade.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken