Rb. Rotterdam 19 augustus 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:10610

Omgevingsrecht. Wabo. Verzoek om voorlopige voorziening van verzoekers hangende het beroep tegen het in stand laten van de verlening van de omgevingsvergunning door het college aan vergunninghoudster voor het verbouwen van een bestaand pand tot zeven woningen inclusief het uitvoeren van funderingsherstel. Verzoekers zijn het hier niet mee eens en vrezen dat de funderingsherstelwerkzaamheden tot schade aan hun woning zal leiden. Het verzoek richt zich (alleen) op de herstelwerkzaamheden aan de fundering omdat door vergunninghoudster is bevestigd dat de overige bouwwerkzaamheden niet zullen worden uitgevoerd voordat de vergunning onherroepelijk is. Tussen partijen staat vast dat het funderingsherstel enkel ziet op de activiteit “bouwen” (artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo). Verzoek is afgewezen. Het college heeft aannemelijk mogen achten dat het bouwplan voor zover het ziet op het funderingsherstel aannemelijk maakt dat voldaan wordt aan het Bouwbesluit 2012. Op zitting heeft de bouwkundig ingenieur van de gemeente Rotterdam het bouwkundig advies dat verzoekers aan hun standpunt ten grondslag hebben gelegd voldoende weerlegt. In wat verzoekers op zitting hebben aangevoerd ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding om te twijfelen aan de toelichting van de bouwkundige.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken