Rb. Rotterdam 24 december 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:13802

Tussenbeschikking van 24 december 2024. Artikel 10 lid 2 Uitvoeringswet Haags Betekeningsverdrag 1965. Hoewel nog geen zes maanden zijn verstreken sinds de verzending van de stukken naar de Filipijnen en de man niet in de procedure is verschenen, zal de rechtbank het verzoek in het belang van de minderjarige inhoudelijk behandelen. Het (gewijzigde) verzoek heeft tot doel dat de biologische vader en de minderjarige in familierechtelijke betrekking tot elkaar komen te staan in plaats van de man en de minderjarige. Beslissing aangehouden in afwachting van het verslag van de ambtenaar van de burgerlijke stand en de reactie van de vrouw en de bijzondere curator daarop. Zie ook eindbeschikking ECLI:NL:RBROT:2025:4033.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen