Rb. Rotterdam 5 december 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:12272

Verzetprocedure; verstekvonnis uit 2014; spullen online gekocht bij Wehkamp waarvoor een financiering is afgesloten bij Wehkamp Finance. Cessie van de vordering. Verjaring. De vordering vloeit voort uit een indirect tussen partijen gesloten kredietovereenkomst en niet uit een tussen partijen gesloten koopovereenkomst zodat de verjaringstermijn van artikel 3:308 BW geldt en niet de verjaringstermijn voor consumentenzaken. Dit oordeel zou anders kunnen luiden als de kredietovereenkomst dient te worden aangemerkt als een overeenkomst die nauw samenhangt met de koopovereenkomst tussen koper en kredietverstrekker, maar dat is hier niet het geval nu de kredietverstrekker niet als verkopende partij betrokken was bij de financieringsovereenkomst. De korte verjaringstermijn van artikel 7:28 BW is dus niet van toepassing (Hoge Raad 10 augustus 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW4992). Artikel 3:308 BW en artikel 3:324 BW. Ambtshalve toetsing van de kredietovereenkomst. Er is sprake van een (voortgezet) consumentenkrediet afgesloten na 25 mei 2011. Daarop zijn onder andere de artikelen 7:59 tot en met 7:61 BW en 4:34 Wft van toepassing zodat getoetst moet worden aan de dwingende bepalingen van het Europees consumentenrecht. Geen gevolg schending kredietwaardigheidstoets, als bedoeld in artikel 4:34 Wft. Ondanks het ontbreken van deze stukken volgt de kantonrechter het beleid van deze rechtbank gebaseerd op het beleid van de AFM (Autoriteit Financiële Markt) dat in het geval de kredietcheck niet aan de hand van stukken is gedaan als het gaat om kredietovereenkomsten aangegaan voor 3 april 2018 en het krediet niet meer dan € 5.000,- betreft dat in beginsel geen voldoende ernstige schending oplevert om hier gevolgen aan te verbinden. Wel gevolg schending informatieverplichtingen: vernietiging van de overeenkomst, artikel 3:40 lid 2 BW. De kantonrechter dient te toetsen of de kredietverstrekker geruime tijd vóór het sluiten van de overeenkomst de op grond van de wet (artikel 7:60 e.v. BW) vereiste informatie aan de consument heeft verstrekt. Dat is nu niet mogelijk omdat voor zo’n toets concrete informatie nodig is, in leesbare vorm, over de specifieke klant, en die ontbreekt. Gevolgen van de vernietiging: door de terugwerkende kracht van de vernietiging (artikel 3:53 BW) is sprake van een situatie waarin Wehkamp Finance (achteraf bezien) zonder rechtsgrond aan koper een geldbedrag beschikbaar heeft gesteld. Daarom moet koper dat geldbedrag terugbetalen op grond van artikel 6:203 BW, de onverschuldigde betaling minus uiteraard dat wat al terugbetaald is. Verder geldt dat koper geen contractuele rente en kosten op grond van de vernietigde kredietovereenkomst verschuldigd is (geworden).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken