Rb. Rotterdam 6 november 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:11219
De verdachte wordt veroordeeld voor het feitelijke leidinggeven aan het door de verdachte rechtspersoon begaan van opzettelijke overtreding van voorschriften gesteld krachtens art. 9.2.2.1 Wet milieubeheer. De verdachte rechtspersoon heeft uit de leidingentunnel waarvan zij eigenaar en beheerder is, asbest laten verwijderen door een niet-gecertificeerd bedrijf. Daarnaast was geen asbestinventarisatierapport beschikbaar was m.b.t. de leidingentunnel. De verdachte was als projectleider werkzaam. Overwegingen over ‘opzet’. De rechtbank legt een taakstraf op van 40 uren. Vorderingen benadeelde partij worden deels (hoofdelijk) toegewezen en deels niet-ontvankelijk verklaard.
De uitspraak op rechtspraak.nl