Rb. Rotterdam 20 april 2022, ECLI:NL:RBROT:2022:3228
Wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing van de rechter om ter zitting de stukken van verzoekster niet in ontvangst te nemen is niet onbegrijpelijk, gelet op de daarvoor geldende regels. De rechter kreeg ter zitting door het wrakingsverzoek geen gelegenheid meer om uit te leggen wat er ten aanzien van die stukken nog wel mogelijk zou zijn geweest. Aan de eerst ter zitting van de wrakingskamer voorgedragen wrakingsgronden gaat de wrakingskamer voorbij omdat die niet voldoen aan de eisen van art. 37, lid 1 en 3 Rv.
De uitspraak op rechtspraak.nl