Rb. Rotterdam 13 februari 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:895

Verweerder heeft eiseres vijf bestuurlijke boetes opgelegd omdat volgens verweerder bij vijf steekproeven op tabaksproducten die eiseres in de handel heeft gebracht is gebleken dat waarschuwingen als bedoeld in de artikelen 9 of 10 van de Richtlijn niet in overeenstemming zijn met de uit de Richtlijn en de Regeling voortvloeiende eisen ten aanzien van de minimale afmetingen en minimale oppervlakte eisen. Eiseres meent onder meer dat verweerder een onjuiste meetmethodiek hanteert en in alle gevallen uit zou moeten gaan van de zogenoemde templates en measure sheets die eiseres hanteert. Verder doet zij een beroep op diverse beginselen van behoorlijk bestuur. Verweerder meent daarentegen dat hij een juiste uitleg geeft aan de term ‘breed’ en dat de door het RIVM gehanteerde meetmethode, waarbij gebruik wordt gemaakt van een geijkte schuifmaat en visuele waarneming, juist is. Bij de metingen is volgens verweerder in het voordeel van eiseres rekening gehouden met kleine afwijkingen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken