Rb. Rotterdam 30 juni 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:7036

Klachtenprocedure betreffende beperking bewegingsvrijheden, artikel 41a Wet Bopz. Klacht tegen tijdelijke noodmaatregelen om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Hoewel verzoeker door het besluit in zijn bewegingsvrijheid werd beperkt, was er geen sprake van een individuele vrijheidsbeperkende maatregel waartegen geklaagd kan worden op grond van artikel 41 lid 1 Wet Bopz. De rechtbank concludeert daarom dat de klachtencommissie op juiste gronden tot haar beslissing is gekomen om verzoeker niet-ontvankelijk te verklaren, zodat de klacht ongegrond zal worden verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken