Rb. Rotterdam 7 mei 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:5151

Kort geding; eiseres vordert betaling geldsom van beslagdebiteur in verband met de door haar gestelde reikwijdte van het ten laste van haar gelegd conservatoir derdenbeslag. De voorzieningenrechter oordeelt dat de uitleg van de reikwijdte van het conservatoir derdenbeslag in het licht van het beslagrekest en een eerder tussen de beslaglegger (die in deze procedure is tussengekomen) en beslagene gewezen kortgedingvonnis – anders dan eiseres heeft betoogd – meebrengt dat ook toekomstige vorderingen onder het beslag vallen. De geldvordering wordt dus afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken