Rb. Rotterdam 24 oktober 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:8423
Onderaannemer pretendeert jegens aannemer, met wie hij een onderaannemingsovereenkomst heeft gesloten, een retentierecht te hebben op negen bouwplaatsen waar hij, evenals andere onderaannemers, aannemingswerkzaamheden uitvoert. Het beroep door de onderaannemer op een retentierecht staat vermeld op borden die in opdracht van hem zijn gehangen aan hekken rondom de bouwplaatsen. Tevens heeft hij de bouwplaatsen afgesloten met kettingen. Vraag is of de onderaannemer de feitelijke macht heeft over (gedeeltes van) deze bouwplaatsen.
De uitspraak op rechtspraak.nl