Rb. Rotterdam 8 juli 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:5361

Eisers hebben kenbaar hebben gemaakt dat zij langs elektronische weg voldoende bereikbaar zijn voor correspondentie van verweerder. Op zichzelf kan de rechtbank eisers volgen in hun standpunt ter zitting dat zij er niet op bedacht behoefden te zijn dat verweerder het primaire besluit in hun elektronische berichtenbox zou plaatsen. Immers, zoals ter zitting is komen vast te staan, heeft verweerder in de periode van bijna twee jaar tussen het moment waarop eisers de elektronische weg hebben geopend en het moment waarop het primaire besluit is genomen, alle brieven en beschikkingen per gewone post aan eisers toegestuurd. Op grond van vaste rechtspraak hadden eisers, om de termijnoverschrijding verschoonbaar te kunnen achten, binnen een redelijke termijn van twee weken na ontvangst van het primaire besluit bezwaar moeten maken tegen het bestreden besluit.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen