Rb. Rotterdam 5 juni 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:4502

De BV vordert schadevergoeding van voormalig statutair directeur vanwege fraude. De BV draagt bewijslast van de gestelde fraude, maar op de directeur ligt in casu een verzwaarde motiveringsplicht. De rechtbank stelt vast dat de directeur op grote schaal en over vele jaren privé-uitgaven heeft gedaan met de zakelijke creditcard, facturen die betrekking hadden op privézaken op naam en voor rekening heeft laten komen van het bedrijf, valse facturen heeft laten betalen door het bedrijf en meer salaris en bonus aan zichzelf heeft toegekend dan hem contractueel toekwam. Daarmee is sprake van ongerechtvaardigde verrijking, onbehoorlijk bestuur en/of onverschuldigde betaling. De gevorderde schadevergoeding wordt toegewezen tot een bedrag van € 1.633.384,40.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken