Rb. Rotterdam 13 februari 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:1050
Weduwe en erfgenamen vruchtbaarheidsarts moeten DNA vergelijkingsonderzoek toestaan. De rechtbank in Rotterdam heeft vandaag een beslissing genomen op de eis van twee groepen donorkinderen en hun moeders (en een vader). Het gaat om kunstmatige inseminaties met semen van anonieme donoren die jarenlang in een kliniek in Barendrecht hebben plaatsgevonden. De eisers vermoeden dat de arts zijn eigen semen heeft gebruikt bij de kunstmatige inseminaties en willen laten onderzoeken of dat inderdaad zo is. Sommige van de donorkinderen onder de eisers hebben serieuze aanwijzingen dat zij verwant zijn aan de arts. Zij vinden het belangrijk om te weten of zij van hem afstammen onder meer met het oog op mogelijke erfelijke aandoeningen en ook vanwege het algemeen erkende belang van kinderen bij duidelijkheid omtrent hun biologische vader. De arts wilde toen hij nog in leven was niet meewerken aan zo’n onderzoek. In 2017 gaf de kort geding rechter toestemming om DNA-materiaal van de overleden arts te verzamelen en daarmee is een DNA-profiel gemaakt. Dat ligt bij een notaris in een kluis, de eisers mochten dat nog niet inzien. De rechtbank heeft nu toestemming gegeven om het DNA van de donorkinderen onder de eisers te vergelijken met het DNA-profiel van de arts. Hun belangen om te weten of zij van de arts afstammen wegen zwaarder dan het belang van de weduwe en de erfgenamen, die de wens van de overleden arts willen respecteren.
De uitspraak op rechtspraak.nl