Rb. Rotterdam 21 maart 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:2377

Verzekeraars zijn gehouden tot nakoming van de verbintenissen voortvloeiende uit de verzekeringsovereenkomsten in die zin dat zij zijn gehouden tot doen van een uitkering ter vergoeding van de brandschade aan de panden. De branden zijn gebeurtenissen die door de verzekeringen zijn gedekt en daarom heeft eiser recht op een uitkering. De vordering van eiser is niet verjaard, nu het beroep op de stuitingsbrieven door eiser naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is. Eiser heeft weliswaar zijn strafrechtelijk verleden en eerdere storm- en brandschades verzwegen, maar verzekeraars zijn gehouden tot uitkering van de schade omdat niet vaststaat dat de verzekering niet zou zijn gesloten ingeval de verzekeraars voor het sluiten van de verzekeringsovereenkomsten hadden geweten van zijn strafrechtelijk verleden en de eerdere schades. Beroepen van verzekeraars op opzet tot misleiding door eiser en eigen schuld falen eveneens. Artt. 3:302, 6:2 lid 2, 6:248 lid 2, 7:928, 7:930, 7:952 BW.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken