Rb. Rotterdam 24 oktober 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10983

Verdeling huwelijksgoederengemeenschap na echtscheiding. Artikel 3:185 BW. Peildatum omvang huwelijksgoederengemeenschap. Sinds 1 januari 2012 is de peildatum van de omvang van een huwelijksgoederengemeenschap het moment van indiening van het verzoekschrift tot echtscheiding. Het verzoekschrift tot echtscheiding is op 24 juli 2015 ingediend. Dit betekent dat de omvangspeildatum van de huwelijksgoederengemeenschap van de man en de vrouw 24 juli 2015 is. Bruidsschat. Gelet op het feit dat de vrouw ter zitting heeft verklaard dat de bruidsschat bij de ouders van de man ligt, is haar eerdere betwisting niet meer relevant en staat vast dat er een bruidsschat is ter waarde van € 15.000,-. Het is thans onduidelijk waar de bruidsschat zich bevindt, nu partijen hierover ter zitting verschillend hebben verklaard. Omdat de stelling van de man dat de bruidsschat bij de familie van de vrouw ligt door de vrouw wordt betwist, rust op de man de bewijslast dat de bruidsschat zich bij de familie van de vrouw bevindt. Het is aan de man te beslissen of hij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken en/of door het horen van getuigen. Goodwill. Tussen partijen is in geschil op welke wijze de goodwill van de eenmanszaak moet worden berekend. Voor de berekening van de goodwill van de eenmanszaak is een onderzoek door een deskundige bevolen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen