Rb. Rotterdam 24 april 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:3050

Verweerder heeft aan eiser een boete opgelegd omdat een vervoermiddel van eiser, waarmee een of meer evenhoevigen zijn vervoerd, zich op de openbare weg bevond en dit vervoermiddel niet was gereinigd en ontsmet. Anders dan eiser kennelijk veronderstelt, is het niet noodzakelijk dat eiser, indien hij gezien het aantal schapen meerdere ritten moet rijden om de schapen te verweiden, telkens tussendoor naar huis rijdt om de aanhangwagen te reinigen en te ontsmetten. Uit artikel 31, tweede lid, van de Regeling preventie volgt dat eiser zijn vervoermiddel zo spoedig mogelijk na het vervoer moet reinigen indien hij binnen zijn eigen bedrijf schapen vervoert van de ene naar de andere weide. Voor zover eiser stelt dat er, indien hij zich aan de geldende wettelijke bepalingen houdt, een verhoogd risico op verspreiding van dierziekten bestaat, volgt de rechtbank eiser hierin niet. Een dergelijk risico is in dit geval beperkt, omdat het om veevervoer binnen het eigen bedrijf gaat en het betreffende vervoermiddel direct na dit vervoer wordt gereinigd en ontsmet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken