Rb. Rotterdam 1 december 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:9218

Besluit van de minister van Economische Zaken op grond van artikel 18, derde lid, van de Mijnbouwwet. Dit artikel bepaalt onder welke voorwaarden de minister bevoegd is tot verlenging van de periode waarvoor een opsporingsvergunning is verleend. De minister heeft de bezwaren van vergunninghouder tegen de weigering van de gevraagde verlenging van een opsporingsvergunning voor schaliegas, ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dit besluit vernietigd omdat het in strijd is met de Mijnbouwwet. Naar de minister heeft erkend is in dit geval voldaan aan de voorwaarden voor verlenging. Evenmin heeft hij problemen van financiële of uitvoeringstechnische aard opgeworpen. In die situatie geeft de Mijnbouwwet de minister geen ruimte om de verlenging om andere redenen te weigeren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken