Rb. Rotterdam 27 september 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:8917

TBS-beschikking. Ontvankelijkverklaring van de officier van justitie in en toewijzing van de (primaire) vordering tot concretisering van de voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde (artikel 38, vijfde lid, Sr). Ontvankelijkheid: De vordering was te laat ingediend. De rechtbank hanteert als toetsingsmaatstaf dat de officier van justitie in geval van te late indiening van de vordering in beginsel niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, tenzij bijzondere omstandigheden tot een ander oordeel nopen. De rechtbank is van oordeel dat de door de officier van justitie genoemde omstandigheden dusdanige bijzondere omstandigheden betreffen dat die ertoe moeten leiden dat de officier van justitie kan worden ontvangen in de vordering tot concretisering van de voorwaarden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken