Rb. Rotterdam 28 januari 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:569

ACM geeft een bindende aanwijzing aan gemeentelijke pandhuizen, omdat die zouden handelen in strijd met artikel 7:140 BW. Naar het oordeel van de rechtbank heeft ACM niet aangetoond dat de gemeentelijke pandhuizen bij het opnieuw belenen van een pand, (vlak) voor het einde van de eerdere pandbeleningsovereenkomst en daarbij het stellen van de voorwaarde dat de pandbelener de tot dan toe opgebouwde pandbeleningsvergoeding betaalt, handelen in strijd met artikel 7:140 BW of enige andere bepaling van titel 2d van boek 7 van het BW. De rechtbank stelt ten overvloede vast dat ACM los van hetgeen hiervoor is overwogen met de onderdelen II. en III. van de aanwijzingen buiten haar bevoegdheid treedt. Er valt geen specifieke wettelijke bevoegdheidsgrondslag voor handhavend optreden in de door ACM gekozen vorm aan te wijzen en bestaat er geen aanleiding een uitzondering te maken op het uitgangspunt dat de civiele rechter en niet ACM bevoegd is tot feitelijke betaling of verrekening te verplichten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken