Rb. Rotterdam 17 december 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:9354
De minister heeft zich naar het oordeel van de rechtbank terecht op het standpunt gesteld dat Euronext de gereglementeerde markt te Amsterdam beheert en derhalve kwalificeert als marktexploitant. Nu artikel 5:30, aanhef en onder f, van de Wft een open norm is die zich richt tot de marktexploitant, is het aan de aanvrager bij de aanvraag toe te lichten hoe hij invulling wil geven aan deze norm. Het is vervolgens aan de minister om op basis daarvan te beoordelen of de aanvrager heeft voldaan aan artikel 5:27, eerste lid, van de Wft. Het past niet bij een open norm die is gericht tot de marktexploitant dat de minister zelf invult welke prudentiële voorschriften aan een vergunning voor het exploiteren van een gereglementeerde markt moeten worden verbonden en dat hij daarbij een geheel eigen inschatting maakt van de risico’s die de marktexploitant loopt. Daarmee miskent de minister de eigen verantwoordelijkheid van de markexploitant en diens vrijheid zijn onderneming binnen de grenzen van de toepasselijke wetgeving naar eigen inzicht in te richten. Het bepaalde in artikel 1:102, tweede lid, van de Wft betekent niet dat de minister de vrijheid heeft de open norm van artikel 5:30, aanhef en onder f, van de Wft voor Euronext c.s. in te vullen.
De uitspraak op rechtspraak.nl