Rb. Rotterdam 7 mei 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:3571
Vordering tot ontbinding c.q. wijziging van een overeenkomst met kettingbeding (art. 6:259 lid 1 sub b BW). De gemeente heeft in het verleden een oud gemeentehuis verkocht met opneming van een kettingbeding dat bepaalt dat het pand niet bewoond mag worden, maar slechts mag worden gebruikt ten behoeve van kantoor- of winkeldoeleinden. De vordering van de huidige eigenaar van het pand tot opheffing van het kettingbeding wordt afgewezen. De gemeente heeft een redelijk belang bij de nakoming van het beding, te weten het waarborgen van de functie van het naastgelegen dorpshuis.
De uitspraak op rechtspraak.nl