Rb. Rotterdam 17 maart 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:1888
Betreft besluit tot publicatie van boete na het rechtens onaantastbaar worden. De boete is opgelegd voor een lichte overtreding en daarom niet eerder op grond van artikel 1:97 van de Wft gepubliceerd. Zeker in deze situatie, waarin nog geen sprake is geweest van een inhoudelijke rechterlijke toetsing van het standpunt van AFM dat publicatie van het boetebesluit niet in strijd is met de doelen van het financiële toezicht, is het uit een oogpunt van zorgvuldigheid aangewezen dat de mogelijkheid tot het geven van een zienswijze wordt geboden. In dit verband is van belang dat AFM mede gelet op de duur van de procedure over het boetebesluit niet zeker kan weten of er voor de publicatie relevante (nieuwe) feiten of omstandigheden zijn zonder daarnaar te vragen. Dit gebrek in de besluitvorming kan in bezwaar weliswaar worden hersteld, maar dat neemt niet weg dat de publicatie van de boete als zodanig onomkeerbaar is. Verzoeksters hebben er een gerechtvaardigd belang bij dat daartoe niet wordt overgegaan op basis van een besluit dat niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid. Ook uit een oogpunt van een goede taakverdeling tussen bestuur en rechter acht de voorzieningenrechter het niet wenselijk om dit gebrek in de besluitvorming te passeren op grond van het argument dat sprake is van een herstelbaar gebrek.
De uitspraak op rechtspraak.nl