Rb. Rotterdam 1 mei 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:CA3395

Geschil over een overeenkomst betrekking tot een onroerendgoedproject in Hellevoetsluis. Van de vier gedaagden – twee Belgische vennootschappen en hun Nederlandse, eveneens in België woonachtige directeuren – heeft de advocaat zich na de conclusiewisseling onttrokken en vervolgens is een van de Belgische vennootschappen in België in staat van faillissement verklaard. Toepasselijk recht op oa: (a) gevolgen van de Belgische insolventieprocedure voor lopende overeenkomsten waarbij de schuldenaar partij is (art. 4 lid 2 sub e EU-Insolventieverordening) en (b) gevolgen van de Belgische insolventieprocedure voor een lopende rechtsvordering in zin van art. 15 EU-Involventieverordening. Art. 46 § 1 Belgische Faillissementswet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen