Rb. Rotterdam 6 juni 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:CA3027

Alcoholslotprogramma. Mededeling ex 130, lid 1 Wvw. Onderzoeksplicht verweerder. Naar het oordeel van de rechtbank treft de (kennelijke) beroepsgrond dat verweerder niet zonder nader onderzoek en zonder nadere motivering de mededeling als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wvw 1994 aan het bestreden besluit ten grondslag heeft kunnen leggen, doel. De rechtbank kan niet op voorhand uitsluiten dat eisers standpunt, dat de verbalisanten ten onrechte geweld tegen hem hebben gebruikt of in disproportionele mate, juist is. Onder die omstandigheid acht de rechtbank eisers (kennelijke) betoog dat van hem niet verwacht mocht worden dat hij zonder meer, te weten zonder eerst met een advocaat of een arts te hebben gesproken, zou meewerken aan het onderzoek, niet op voorhand onjuist. Bepalend daarvoor acht de rechtbank dat onrechtmatig gebruik van geweld door de politie, mede afhankelijk van de mate van geweld en de mate van onrechtmatigheid ervan, gelet op de inbreuk die geweld maakt op iemands lichamelijke integriteit, naar objectieve maatstaven gemeten een zodanige schok kan veroorzaken in het vertrouwen in de politie dat in het algemeen van een burger mag worden verwacht, dat deze niet zonder meer aan een in tijd vrijwel direct aan die schok aansluitend onderzoek door de politie behoeft mee te werken. Het beroep is derhalve gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen