Rb. Rotterdam 6 maart 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:BZ4111
Op basis van een overeenkomst betreffende transport van elektriciteit heeft eiseres (exploitant van windturbines) aan gedaagde (netbeheerder) een vergoeding betaald voor de afname van blindenergie. Bij besluit van 11 april 2011 heeft de NMA vastgesteld dat het door middel van een tarief in rekening brengen van deze vergoeding in strijd is met de Elektriciteitswet 1998. Eiseres vordert terugbetaling van de vergoeding op basis van onverschuldigde betaling. Gedaagde stelt dat eiseres op grond van de overeenkomst niet gerechtigd was blindenergie af te nemen en dat het betaalde bedrag (alsnog) verschuldigd is op grond van toerekenbare tekortkoming dan wel ongerechtvaardigde verrijking. Na uitleg van de overeenkomst oordeelt de rechtbank dat er geen sprake is van toerekenbare tekortkoming aan de zijde van eiseres. Ook is eiseres niet ongerechtvaardig verrijkt, gelet op het uitgangspunt van de toepasselijke TarievenCode dat de kosten van contractueel toegestane afname van blindenergie in een geval als het onderhavige voor rekening van de netbeheerder zijn. De vordering van eiseres wordt toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl