Rb. Rotterdam 12 januari 2012, ECLI:NL:RBROT:2012:BV0835

Vrijstelling 19, 2 WRO en bouwvergunning verleend voor het bouwen van een onbemand tankstation. Op grond van artikel 46, 3, Woningwet is de aanvraag voor de bouwvergunning de aanvraag voor de vrijstelling, zodat beide aanvragen dateren van voor 1 juli 2008, zodat op beide de WRO van toepassing is. Voor de vraag of er sprake is van duurzame ontwrichting van het motorbrandstoffenaanbod in het betreffende gebied door de komst van het onbemande tankstation is vooral het belang voor de consumenten relevant. Er is immers pas sprake van duurzame ontwrichting als door de komst van het nieuwe tankstation het voorzieningenniveau zodanig wordt beperkt dat consumenten niet meer op een aanvaardbare afstand van hun woonplaats kunnen tanken. De rapporten zien vooral op de effecten die het vestigen van een nieuw tankstation heeft op de marktafzet van de concurrenten in het gebied. In geen van de rapporten is geconcludeerd dat alle tankstations in het gebied op termijn zullen verdwijnen. Zolang er nog de mogelijkheid bestaat om te tanken in het gebied, is er naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van duurzame ontwrichting van de markt voor motorbrandstoffen in het betreffende gebied. Gelet op de aard van het product moet er immers vanuit gegaan worden dat het voorzieningenniveau voor de consument pas een onaanvaardbaar laag niveau bereikt als er een reële kans is dat er binnen het gebied geen enkele mogelijkheid meer is om te tanken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen