Rb. Rotterdam 20 april 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BQ7044

Voor totstandkoming van een geldige onderhandse executieverkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW is goedkeuring door de voorzieningenrechter een vereiste. Zolang deze goedkeuring ontbreekt, is de overeenkomst tot onderhandse executieverkoop niet tot stand gekomen en kan de executiekoper hieraan geen rechten ontlenen. De (subsidiaire) stelling dat de executieverkoper met de aanvaarding van het onderhandse aanbod de verplichting op zich heeft genomen om goedkeuring te verzoeken, wordt eveneens verworpen. Voorts bestaat geen causaal verband tussen het achterwege laten van een verzoek ter goedkeuring en de gestelde schade van de executiekoper.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen