Rb. Rotterdam 24 maart 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BP9028
De rechtbank ziet aanleiding artikel 10c, onder c, van de Regeling Wet kinderopvang buiten toepassing te laten, omdat sprake is van strijd met de rechtszekerheid. Uit de Regeling is niet op eenduidige wijze kenbaar aan welke kwaliteitseisen een certificerende instelling moet voldoen om de door haar af te geven certificaten te doen aanwijzen als bewijsstuk in de zin van artikel 4 van het Besluit deskundigheidseisen gastouders kinderopvang. In de toelichting bij de Regeling wordt aangegeven aan welke eisen “ten minste” moet worden voldaan. Hiermee worden zelfstandige normen opgelegd, die niet in een toelichting thuishoren, maar uit een algemeen verbindend voorschrift dienen te blijken. Dit betekent dat aan de zelfstandige normstelling in de toelichting geen betekenis toekomt en dat moet worden teruggevallen op het bepaalde in de Regeling zelf. Hieruit volgt dat verweerder bij het bestreden besluit heeft getoetst aan niet toepasselijke normen. Verweerder dient de Regeling aan te passen alvorens opnieuw op het bezwaar te beslissen.
De uitspraak op rechtspraak.nl