Rb. Rotterdam 6 januari 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BP0013
Aanvraag van eiseres om een vergunning voor een geclausuleerde FM-frequentie (kavel A8) voor landelijke commerciële radio-omroep is niet in behandeling genomen. Vast staat dat eiseres niet (binnen de gegeven hersteltermijn) een bankgarantie conform het voorgeschreven model heeft overgelegd, noch de waarborgsom heeft betaald. Verweerders standpunt, dat met artikel 4, vijfde lid, van de Tijdelijke regeling een gebonden bevoegdheid in het leven is geroepen op grond waarvan verweerder verplicht is om aanvragen die niet zijn opgesteld overeenkomstig de wettelijke voorschriften buiten behandeling te laten, nadat aanvrager de gelegenheid heeft gehad het betreffende verzuim te herstellen, acht de rechtbank onjuist. Dit standpunt van verweerder is immers in strijd met de in artikel 4:5, eerste lid, van de Awb neergelegde discretionaire bevoegdheid. Doordat verweerder heeft nagelaten een belangenafweging te maken wordt bestreden besluit vernietigd. In het verweerschrift heeft verweerder toegelicht waarom een belangenafweging niet tot een ander resultaat zou hebben geleid. Rechtsgevolgen van het bestreden besluit blijven in stand.
De uitspraak op rechtspraak.nl