Rb. Rotterdam 30 november 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BO5808
Bij drie besluiten van 11 en 14 oktober 2010 en 12 november 2010 heeft DNB de verzoeken van het pensioenfonds tot het verlenen van ontheffing van 135, vierde lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling afgewezen. De besluiten van DNB komen er op neer dat het pensioenfonds per 1 januari 2011 geen verder uitstel van herstelmaatregelen, waar onder een korting op pensioenaanspraken en -rechten, wordt verleend. Bij besluit van 8 juli 2009 heeft DNB een eerder verzoek om ontheffing van de hersteltermijn afgewezen. Toch is thans geen sprake van een herhaalde aanvraag in de zin van artikel 4:6 van de Awb. De voorzieningenrechter neemt in dit verband in aanmerking dat de generieke vrijstelling tot het treffen van kortingsmaatregelen die gold tot 1 april 2012 per ingang van 20 augustus 2010 door de minister van SZW is teruggebracht tot 1 januari 2011. De voorzieningenrechter is met DNB van oordeel dat een ontheffing tot 1 april 2012 afdoet aan hetgeen de minister heeft beoogd met de wijziging van de generieke vrijstelling. De voorzieningenrechter is niet gebleken dat nader uitstel van de nodige kortingsmaatregelen in het belang is van alle aanspraak- en pensioengerechtigden van het fonds.
De uitspraak op rechtspraak.nl