Rb. Rotterdam 25 november 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BO5069
Op basis een aanvraag in de zin van artikel 8.25f, eerste lid, van de Wet luchtvaart heeft verweerder vastgesteld dat de door eiseres vastgestelde tarieven en voorwaarden voor de luchtvaartactiviteiten met ingang van 1 april 2009 niet in strijd zijn met het bepaalde bij of krachtens de Wet luchtvaart, behalve wat betreft de toerekening aan luchtvaartactiviteiten van de kosten die zijn gemaakt in verband met een geluidswal en van kosten die zijn gemaakt in verband met het Schiphol College voor het werven en opleiden van personeel voor de afhandeling van bagage en de verrekening in de tarieven van kosten die gemoeid waren met een accountantsrapport. De aanvraag is tijdig ingediend. Op grond van de in de Awb neergelegde regels betreffende de aanvang van een termijn is een redelijke uitleg van de term ‘na de mededeling’ in artikel 8.25f, eerste lid, eerste volzin, van de Wet luchtvaart dat daarvoor gelezen wordt ‘na de dag van de mededeling’. De aanvraag van de BARIN is niet ontvankelijk. Zoals eerder is overwogen in de uitspraak van 30 juni 2008 (LJN: BM7439) is de BARIN een belangenbehartigingsvereniging van luchtvaartmaatschappijen. BARIN is evident zelf geen luchtvaartmaatschappij en dus geen gebruiker als bedoeld in artikel 8.1, aanhef en onder i, van de Wet luchtvaart en daarom op grond van artikel 8.25f, eerste lid, van de Wet luchtvaart niet gerechtigd tot het doen van een aanvraag als bedoeld in artikel 8.25d, eerste lid, van de Wet luchtvaart. De geluidswal bij de Polderbaan is aangelegd om door taxiënde vliegtuigen geproduceerd grondlawaai tegen te gaan ter beperking van geluidsoverlast voor omwonenden van de luchthaven Schiphol en is geen luchtvaartactiviteit is die valt onder artikel 1, eerste lid, aanhef en onder a, van het Besluit exploitatie luchthaven Schiphol. De in het kader van Schiphol College verrichte activiteiten voor werving en opleiding van personeel voor de bagageafhandeling is geen luchtvaartactiviteit als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit exploitatie luchthaven Schiphol. Deze activiteit wordt door eiseres verricht in het kader van het werkgelegenheidsproject Schiphol College ten behoeve van de commerciële bagageafhandelingsbedrijven en staat in een te ver verwijderd verband met de door eiseres verrichte taken bij afhandeling van de bagage van passagiers, die wel tot luchtvaartactiviteiten gerekend worden. De kosten van het accountantsrapport dat eiseres heeft laten opmaken in het kader van het onderzoek dat verweerder naar aanleiding van de eerdere aanvraag (betreffende de tarieven en voorwaarden per 1 november 2007) heeft verricht vallen niet onder een van de grondslagen van artikel 8.25d, negende lid, van de Wet luchtvaart en mogen daarom niet achteraf verrekend worden in de tarieven.
De uitspraak op rechtspraak.nl