Rb. Rotterdam 19 maart 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BM1317

Conventie: Geldvordering. Geen spoedeisend belang. Reconventie: op grond van art. 4:147 lid 1 BW de executeur bevoegd is de door hem beheerde goederen te gelde te maken, voor zover dit nodig is voor de tot zijn taak behorende voldoening van schulden der nalatenschap en de nakoming van de hem opgelegde lasten. De bevoegdheid om de goederen van de nalatenschap te gelden te maken vloeit derhalve, met inachtneming van de wettelijke en eventueel testamentaire beperkingen, reeds voort uit de wet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen