Rb. Rotterdam 4 december 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BK5633

Artikel 11a, eerste lid, Tabakswet. Boetes aan café. Aan eiser, een vennoot van een Café waarin werd gerookt zonder dat maatregelen zijn getroffen om overlast of hinder voor het personeel tegen te gaan, zijn naar aanleiding van controles na een eerdere waarschuwing twee bestuurlijke boetes opgelegd. De rechtbank oordeelt dat voldoende aannemelijk is dat er sprake is van een werknemer, zodat de vennootschap terecht als werkgever is aangemerkt. Verder heeft de minister van VWS in redelijkheid kunnen besluiten één van de vennoten van de VOF de boetes op te leggen. Dat de betreffende norm is overtreden staat voldoende vast nu door de VWA-controleurs een penetrante rookgeur werd waargenomen in de horecagelegenheid waar op dat moment ook werd gerookt. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel kan niet slagen, omdat het belang dat is gediend met de in artikel 11a, eerste lid, Tabakswet neergelegde zorgplicht van de werkgever er in is gelegen dat de werknemers worden gevrijwaard van hinder of overlast van roken door anderen, terwijl het zogenoemde rookverbod als bedoeld in artikel 3 Besluit uitvoering rookvrije werkplek, horeca en andere ruimten een andere doelstelling heeft, te weten het vrijwaren van bezoekers van hinder of overlast van roken door anderen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen