Rb. Rotterdam 15 oktober 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BK1793

De AFM heeft aan verzoeksters elk een boete opgelegd van € 24.000 wegens overtreding van artikel 5:2 van de Wet op het financieel toezicht, en hen medegedeeld de boeteopleggingen openbaar te maken. Het verzoek is gericht op het tegengaan van vroegtijdige publicatie. De tegenwaarde van de aanbieding bedroeg in beide gevallen minder dan € 2,5 mln, maar verzoeksters hebben verzuimd in de aan de beleggers toegezonden mailing en investeringsrapportage te vermelden dat zij inzake die aanbiedingen niet vergunningplichtig waren en niet onder toezicht stonden van de AFM. Met de AFM is de voorzieningenrechter daarom van oordeel dat verzoeksters aldus artikel 5:2 van de Wft hebben overtreden, omdat door hen niet is voldaan aan het vereiste van artikel 53, derde lid, van het Vrijstellingsbesluit Wft. De voorzieningenrechter neemt in aanmerking dat namens de AFM ter zitting desgevraagd is toegezegd dat de tekst van de voorgenomen persberichten, op twee punten wordt aangepast: door toevoeging van de perioden waarin de aanbiedingen hebben plaatsgevonden en door toevoeging van de vermelding dat de boetes die zijn opgelegd zijn gematigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen