Rb. Rotterdam 12 augustus 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BJ5769
Heffingen uit hoofde van de Wet financiële dienstverlening en de Wet op het financieel toezicht. Voor het jaar 2006 is te laat bezwaar gemaakt. Redelijke termijn. Voor het jaar 2007 oordeelt de rechtbank dat de vastgestelde heffing buitenproportioneel is nu voor deze aanbieder van beleggingsobjecten geldt dat bij gelijkblijvende heffingen gedurende de looptijd van twintig jaar een derde aan de ingelegde gelden op zal gaan aan de heffingen.
De uitspraak op rechtspraak.nl