Rb. Rotterdam 29 mei 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BI5776
Raadkamerbeslissing inzake de gijzeling van een getuige. De houding van de getuige komt erop neer, dat hij zich in zijn algemeenheid beroept op zijn verschoningsrecht. Dit kan niet worden geaccepteerd. De rechter-commissaris dient per vraag het verschoningsrecht van de verdachte te kunnen beoordelen. Daarbij dient niet alleen te worden gekeken naar het zijn van verdachte in de onderhavige strafzaak, maar in het algemeen dient de getuige door het beantwoorden van een of meerdere vragen niet blootgesteld te worden aan het gevaar van een strafvervolging. De raadkamer heeft beslist dat de getuige in gijzeling dient te blijven gedurende een periode van twaalf dagen.
De uitspraak op rechtspraak.nl