Rb. Rotterdam 25 maart 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BI2237

Vaststellingsovereenkomst aangegaan onder de ontbindende voorwaarde dat, indien de betalingsverplichtingen geregeld in die vaststellingsovereenkomst niet tijdig door gedaagde zouden worden nagekomen, de vaststellingsovereenkomst zou worden ontbonden. De ontbindende voorwaarde moet aldus worden uitgelegd, dat in beginsel iedere termijnoverschrijding van de betalingsverplichting uit hoofde van de vaststellingsovereenkomst door gedaagde is aan te merken als een niet tijdig nakomen in de zin van de vaststellingsovereenkomst. Door de te late betalingen van gedaagde is de ontbindende voorwaarde vervuld. Het inroepen van de ontbindende voorwaarde door eiser is, gelet op de omstandigheden van het geval, niet in strijd met de redelijkheid en billijkheid. De mogelijk negatieve financiële gevolgen voor gedaagde van de ontbinding van de vaststellingsovereenkomst - in het ergste geval faillissement - maken dit niet anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen