Rb. Rotterdam 11 april 2007, ECLI:NL:RBROT:2007:BA6185
Bevoegdheidsincident. Vervoer onder cognossement. In het cognossement was een forumkeuze opgenomen voor de Tokyo District Court te Japan. De vraag die aan de orde is, luidt of er sprake was van een rechtsgeldig forumkeuzebeding waardoor afgeweken mocht worden van de door artikel 629 lid 1 Rv bepaalde bevoegdheid van de Nederlandse rechter als de rechter van de eindbestemming. Het antwoord is ja: voor de geldigheid van een forumkeuzebeding waarbij wordt afgeweken van de door artikel 629 lid 1 Rv bepaalde bevoegdheid van de Nederlandse rechter is voldoende dat uit het cognossement duidelijk kenbaar is welke rechter in hetzij het land van de vervoerder hetzij het land van de ontvanger op grond van het beding als de exclusief bevoegde rechter is aangewezen. Het beding voldeed aan deze vereisten. Voorts is aan de orde gekomen de vraag of een beroep op het beding in casu naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was. Het antwoord is nee: de noodzaak van een gelijktijdige behandeling en berechting is niet gebleken, ook niet nu de vordering jegens K-Line subsidiair is ingesteld en afhangt van de uitkomst van de tegen de overige gedaagden gevoerde procedure. Niet onaanvaardbaar is van Mitsui te verlangen de procedure in Japan aanhangig te maken en voorts om aanhouding te vragen.
De uitspraak op rechtspraak.nl