Rb. Rotterdam 20 januari 2006, ECLI:NL:RBROT:2006:AV0528
Het bestreden besluit is niet genomen met inachtneming van hetgeen in de eerdere uitspraak is overwogen. De stelling dat een andere uitkomst een met het gemeenschapsrecht strijdige situatie oplevert die ernstige consequenties voor de Nederlandse regering zal hebben, maakt niet dat verweerster bevoegd was het bestreden besluit op het door het College en de rechtbank verworpen standpunt te baseren. Nu vrijwel uitgesloten is dat verweerster het primaire besluit op rechtens houdbare gronden zou handhaven, mede gelet op de lange duur van de onderhavige procedure, op het belang van eiseres bij een finale beslechting van het geschil en de opstelling van verweerster daarin, voorziet de rechtbank zelf in de zaak door het bezwaar gegrond verklaren en het primaire besluit te herroepen.
De uitspraak op rechtspraak.nl